De wereld door een omgekeerde verrekijker

Jannemieke Caspers

13 november 2020
Ik botste eens tegen een citaat van de filosoof Camus: “De letterlijke betekenis van leven is alles wat je doet om te voorkomen dat je jezelf vermoordt.” Dat vond ik een tijdje mooi. Tot de wereld veranderde en de illusie van veiligheid plaatsmaakte voor de angst voor de ander. En toen maakte het me kwaad. Dat is niet de betekenis van leven, Camus! Want als het leven niet méér zou zijn dan het zo goed mogelijk voorkomen van je dood, dan zou je het maximale uit het leven halen door zo veel mogelijk veiligheid in te bouwen. En in de huidige tijd lijkt dan veel van wat het leven de moeite waard maakt onbereikbaar.

Wat maakt het leven de moeite waard? Wat geeft zin en betekent iets? In opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport deed Els van Wijngaarden onderzoek naar de doodswens van ouderen omdat ze hun leven ‘voltooid’ achten. Vijf klachten kwamen herhaaldelijk terug: eenzaamheid, overbodig zijn, het onvermogen om zichzelf te uiten, vermoeidheid en een aversie tegen afhankelijkheid. “Alsof je door een omgekeerde verrekijker naar de wereld kijkt“, vatte een van hen het gevoel samen. Dingen die de wens om te leven versterken, waren volgens de geïnterviewden: onafhankelijkheid en het ervaren van verbinding met anderen.
Leven betekent niet het uitstellen van doodgaan. Leven betekent vrijheid, plezier, nabijheid en contact.

Vorig jaar kreeg ik de opdracht een toneelstuk over Helene Kröller-Müller te schrijven. Helene raakt op haar vijftiende in een geloofscrisis na het lezen van een toneelstuk. Voor haar ouders aanleiding om haar te doen geloven dat ze de grootste zondares op aarde is. Vanaf dat moment is zij naarstig op zoek naar houvast en betekenis.
Op haar zevenendertigste volgt ze een les kunstbeschouwing van de heer Bremmer. Daar vindt Helene eindelijk houvast. Hongerig verzamelt ze kunst tot ze de grootste privécollectie Van Goghs ter wereld bezit.
Helene schrijft in een van haar vele brieven: “De kunst is de spiegel van de ziel. Dat is waarom ik zo van haar houd. Omdat zij mij het mooiste en het beste en het meest ware van mensen brengt. Mensen die mij in vlees en bloed teleurstellen en die ik nu kan missen.
In de kunst vindt zij troost, zingeving en spiritualiteit. Ze neemt de schilderijen mee als ze in het kuuroord tot rust moet komen. Ze praat met hen. En ze wil haar collectie een museum geven. Niet voor haar plezier, maar voor de toekomst. “De mens is toch per slot wat hij achterlaat.” Haar hele leven wijdt ze aan haar museumdroom. Anderhalf jaar voor haar overlijden is hij voltooid (tenminste, een tijdelijke variant).
Dit museum is uit verdriet geboren. Als een dankbare bloem is het eruit opgebloeid. Dit verdriet heeft gemaakt dat ik mij losrukte, zo niet van alles, zo toch van veel, waar ik tot nu toe voor had geleefd. Het heeft mij gedwongen een nieuw houvast te zoeken, waar ik mijn hart aan kon hangen en wel één die beter bestand was tegen de stormen van buiten.

Onze maatschappij lijkt erop gericht om maar niet te hoeven sterven. Hoe zou zij eruitzien als ze gericht zou zijn op een zo waardevol mogelijk leven?
Het leven is vergankelijk. Net als de kunst. Kunst is overdracht, een ervaring die gedeeld wordt tussen kunstenaar en publiek, en daarom per definitie tijdelijk van aard. Leven is overdracht, een ervaring gedeeld tussen jou en de ander, en per definitie tijdelijk van aard.
Als ik in het theater heb gezeten, kom ik er altijd meer levend uit. Wat blijft er over als de angst om te sterven leidt tot uitsluiting van vrijheid, plezier, verbinding met anderen, en houvast? Waar hang je dan je hart aan op?

Jannemieke Caspers

Jannemieke Caspers is toneelschrijver. Het stuk Waar ik mijn hart aan ophang zal hopelijk door Muziektheater De Plaats in juni 2021 zijn uitgestelde première beleven.


Meer over Jannemieke Caspers?
Kijk op:
https://www.jannemiekecaspers.nl/

eerlijk DELEN

Share on facebook
Share on twitter
13 november 2020